Het Blogarchief

Het blogarchief

Bericht uit de tuin van een school voor speciaal onderwijs

Op maandagmiddag ben ik in de tuin van de Ommezwaai bezig. Met groepjes kinderen zaaien en wieden we en kijken we naar alles wat er groeit en bloeit. Sommige kinderen vinden het ook fijn om rond te rennen, over stammetjes te springen en te stampen. Zo kunnen ze hun energie kwijt. Regelmatig schrijf ik over wat er zoal gebeurt.

De school heeft een grote buitenruimte, omzoomd door hoge bomen en struiken. Tussen de struiken en in wilde hoekjes valt er veel natuurlijks te ontdekken.
Het nieuw aangelegde kruidenpaadje geeft ruimte voor zintuiglijke ervaringen. Het veld aan de achterkant is aantrekkelijk door de moestuinbakken, fruitstruiken, en een bloemenweide. Over een heuveltje en een ruig veldje kunnen kinderen rennen en naar beestjes zoeken.

• 4 april 2016

Vandaag staan gele narcissen en andere kleurige bloemen in de zon te stralen. De leerlingen van groep 3/4 komen allemaal hun aardappel en ui planten. Fijn dat de klassenassistente meekomt.

Op het plein komt een jongen me bezorgd tegemoet: Juf, mijn planten zijn weg. Gelukkig kan ik hem gerust stellen: in de winter verdwijnen de vaste planten onder de grond om in het voorjaar weer naar boven te komen.

Thomas (groep 8) komt als eerste. Samen kijken we in de kruidentuin of de muntplanten er nog staan. En ja, ook die komen weer boven de grond! Daarna planten we klimop. Want helaas, het team is toch niet de tuin in geweest op de teamdag. Daarna wil Thomas madeliefjes plukken. Vertederend, zo’n grote jongen, die blij met een paar kleine bloemetjes de klas weer in gaat.

De kleine kinderen komen in groepjes planten. Allemaal doen ze hun best. Een jongen graaft ijverig een gat en gooit dat weer dicht, waarbij hij helemaal vergeet zijn aardappel er in te leggen.

Hierna struinen ze even door het veld. Verstoppen zich – duidelijk zichtbaar- in het kale wilgenhutje waar nog geen blad aan zit.
Als we klaar zijn koesteren we ons nog even vijf minuutjes in de zon. Het was een fijne middag met de kinderen in de tuin.

• Weetje: verdwenen planten
Je hebt verschillende soorten planten:
Eenjarige planten. Zoals klaprozen en korenbloemen. Die gaan in de loop van het jaar dood, maar maken veel zaad waardoor ze een volgend jaar vaak opnieuw gaan groeien en bloeien.
Vaste planten: bij voorbeeld munt, lupine en pioenrozen. Die sterven vaak in het najaar boven de grond af om zich tegen de kou te beschermen. In het voorjaar komen ze dan weer boven de grond.
Dan heb je ook nog tweejarige planten, struiken en bomen. Die overwinteren weer op een andere manier.

Dus: maak je niet meteen bezorgd als een plant na de winter verdwenen is!

• 21 maart 2016

Het tuinseizoen is gestart met veelbelovende nieuwtjes:
Een leerkracht vertelt dat ze wekelijks met haar kleuters de tuin in wil gaan. Haar klas adopteert de viooltjes in de bloembakken en gaat de fruitstruiken volgen.
Een andere leerkracht vraagt voor de interventieklas een moestuintje. Haar kookklas gaat na de oogst de groente gebruiken.
Verrassend zijn de door het tuinbedrijf omgespitte moestuintjes, vermengd met goede aarde. Zo kunnen we meteen goed starten.
En de teamleider vertelt zowaar dat de leerkrachten met de teamdag iets buiten gaan doen.
De lente barst onverwachts los!

Vandaag gaat groep 5 aardappels en uien planten. Ik geef eerst een lesje in de klas: hoe groeien aardappels en uien en hoe plant je die?

Dion en Thomas hebben er al naar uitgekeken om de tuin in te gaan. Samen gaan ze takken zoeken om een steun te maken voor de klimplanten bij de voordeur.

Drie groepjes van 4 kinderen komen na elkaar naar de moestuin. Ze zijn net koeien die voor het eerst de wei in gaan. Druk, schreeuwen, rennen. Maar ondertussen planten ze allemaal een ui en een aardappel!

Er wordt gegriezeld over een worm. Rachelle vraagt wanneer we weer diertjes gaan zoeken. Sako wil weer bloemen gaan plukken. En een jochie wil niet meer naar binnen, want hij wil andere kinderen helpen planten, zegt hij. Hij is hier niet van af te brengen. Speciaal!

• Laatste tuinbericht van 2015

We houden een winterstop; een goed moment om terug te kijken.

Dankzij het zachte herfstweer konden de kinderen tot eind november bloemen plukken, paddenstoelen bekijken, kruiden ruiken en lekker rondrennen. Er waren zelfs nog kikkertjes, de grote attractie van dit jaar. Het werd wel behoorlijk modderig, maar dankzij kleurige laarzen (kadootje van ouders) was dat geen probleem.

Alle kinderen van groepen 3 en 3/4 zijn een keer de tuin in geweest. Ze vonden het bijna allemaal leuk. Zoals Rachelle, die enthousiast vertelde: ik ben bijna in de natuur geboren. Hoezo? Omdat ik heel erg van de natuur houd!

Dion uit groep 8 heeft iedere keer meegewerkt. Vaak lagen we op onze knieën voor een mooi plantje, beestje of paddenstoel die hij ontdekt had. Samen konden we dit alles aan de kinderen laten zien. Thomas, ook uit groep 8, kwam regelmatig meehelpen. Hij genoot van het buiten zijn en vond alles wat er samen te doen viel leuk.

De kinderen
Wat ik zo leuk aan deze kinderen vind is het speciale. Zoals het onderlinge begrip. Als een klasgenoot een boze bui heeft, kijken ze daar niet van op. Soms helpen ze een ander kind als die het even niet trekt. Begrip is er ook voor mijn slechte geheugen, wanneer het me weer eens niet lukt om een naam te onthouden. Geeft niet, hoor juf, zegt zo’n kind dan glimlachend.
Bepaald gedrag verrast me: een kind dat alle kruiden in de kruidentuin wil proeven. Maar als ik in de klas een lesje geef en dat zelfde kind vraagt bij alles wat ik zeg: kun je dat eten? Dan begin ik daar toch wat anders tegen aan te kijken. Of het jongetje dat gek is op hommels in de tuin. Later valt me op dat dat het enige is waar hij buiten door geboeid is. Misschien toch een fixatie?

Bewegen
In de tuin beweeg je spelenderwijs en train je veel verschillende spieren. De kinderen renden rond over de paadjes en klommen op de heuvel. Spitten vonden veel kinderen ook leuk; ze ontdekten daarbij hun kracht. Bladharken was een werkje waarbij weer andere spieren aan bod kwamen. En dat allemaal in de gezonde buitenlucht. Vitamine G (groen) wordt dat ook wel genoemd!

Bloemen en kruiden
De kinderen wilden graag bloemen plukken. Sommige vergeten boeketjes vond ik later in de tuin terug. Maar een paar jongetjes gingen heel trots de klas weer in met een bosje bloemen voor hun moeder of juf.
De dahlia’s met hun vrolijke kleuren hebben lang gebloeid. Om te zorgen dat de knollen niet bevriezen, hebben we die er met elkaar uitgespit. Dat was zwaar werk voor echte doorzetters!
Het kruidenpaadje was erg populair. Om kruiden te ruiken en te proeven of mee te nemen voor de thee of de soep.
Toen we een paar stengels van de venkelplant snoeiden, ontdekten Dion en Thomas dat je er goed mee kunt spelen. Zwaard vechten, pijlschieten, jongleren of majorette spelen.

Groente en fruit
Tot laat in de herfst konden we nog Regenboogsnijbiet oogsten. Vanaf de lente kunnen we weer groenten kweken voor thuis en in de kookklas.
Ook waren er nog frambozen om lekker van te snoepen. Wie weet is er volgend jaar genoeg om jam van te maken!

Bloembollen
Op 12 november plantten de kinderen 500 bloembollen. Door stokjes erbij te steken onthielden ze waar ze de bollen geplant hadden.
Vooraf gaf ik een plantlesje in de klas. De kinderen kregen eerst allemaal een bloembol om te bekijken. Op de vraag wat het was kwamen verschillende antwoorden: een ui, knoflook, koolraap, zelfs een radijs!

Beestjes
Sommige kinderen vonden beestjes eng, maar de meesten vonden het leuk om ze te vangen en in een loeppotje te bekijken. En, natuurlijk daarna weer los te laten. Er waren kikkertjes, padjes, slakken en spinnen. Op zonnige dagen vlogen er bijen, hommels en vlinders. En in de grond vonden ze wormen, pissebedden en duizendpoten. Tim was erg geboeid door natuurdingen. Hij ontdekte een lange regenworm in een hoopje zand en bedacht dat je die als veter kunt gebruiken.

Paddenstoelen
Op houtsnippers en boomstammetjes groeiden allemaal verschillende paddenstoelen en zwammen. Bruin, grijs, oranje en wit. De groep van juf Ingeborg kwam ze bekijken. De meeste kinderen waren heel enthousiast, 1 jongetje was teleurgesteld: “is dat nou alles”?

Werkwijze
Elke keer bedacht ik iets wat op dat moment bij de kinderen paste. Ze konden bij allerlei tuinwerk helpen: wieden, oogsten, zaaien, plukken, knippen, spitten. Daarnaast was er ruimte voor natuurbeleving. En als ze tussendoor wilden rennen of klimmen was dat ook prima. Zoals Kyano en Berkay die veel rondrenden, maar ook wilden spitten en blad harken. Kyano wilde rond Halloween ook graag tanden van houtsnippers zoeken om een Dracula gebit te maken. Samen gingen ze met hun gebitje in hun mond voor het raam staan om de kinderen bang te maken. Maar die schrokken daar niet echt van.

Winst
De kinderen konden hun energie kwijt
Ze deden frisse lucht op en zetten hun lijf in beweging
Ze konden hun emoties reguleren en in de les opgedane spanning loslaten
Ze leerden samen te werken om iets te bereiken
Ze deden positieve ervaringen in de natuur op
Ze ervaarden dat ze iets konden
Ze leerden zich in te spannen en door te zetten
En: ze genoten ervan!

• 19 oktober 2015
Thomas heeft zin om te komen helpen. Ik vraag hem om het spelletje wat ik voor de kleintjes heb bedacht uit te proberen: planten bij kleurkaartjes zoeken. Dat lukt goed. Dan werken we even in de moestuin en daarna gaan we naar het kruidenpaadje. Daar proberen we met touw en takken een omgeknakt struikje rechtop te zetten, in de hoop dat die weer goed gaat groeien.

Eldin en Thijmen (groep 4) gaan eerst mee naar de kruidentuin.
Eldin wil alle kruiden proeven: lavendel, salie, venkel en munt. Hij kan er haast geen genoeg van krijgen en wil binnenkort weer blaadjes komen eten. Beide jongens willen graag leren tuinieren. Ze leren hoe je plantjes met een schepje uit de grond kan halen. Eerst doe ik het voor, daarna doen we het samen en tot slot doen ze het zelf. Dan willen ze echt graag helpen met wieden en zijn trots als ze een stukje grond tussen de kruiden mooi schoongemaakt hebben.
Thijmen vraagt of je natuurkunde moet kennen als je naar een tuinierschool wil. Dat wil hij later, maar misschien wil hij ook wel naar de paardenschool.
Als ze weg gaan zeg ik dat ze echte tuinmannen zijn. ” Ja”, zegt Thijmen, ” plantenetende tuinmannen”.

Yannick en Zovana komen enthousiast aangerend. ” Wat willen jullie doen: helpen, beestjes kijken, bloemen plukken, rennen? “ vraag ik. ” Alles!” roepen ze met hun hoge stemmetjes en ze beginnen met rondjes rennen. Daarna keren we stammetjes om en bekijken we de bodemdiertjes.Yannick vindt het fijn om een regenworm aan te raken en stopt er eentje in zijn potje. Al gauw vangt Zovana een kikkertje. Daarna gaan ze insecten bekijken met een vergrootglas.
Ik heb nog een spelletje: rode, roze, gele en groene papiertjes, waar ze iets van dezelfde kleur bij moeten zoeken. Daar gaan ze enthousiast mee aan de slag. En even enthousiast gaan ze daarna bloemen plukken voor thuis. Ze willen allebei een boeket bloemen voor in de klas dragen. ” Samen doen!” zegt Yannick. En zo gaan ze vrolijk weer naar binnen.

Knutseltip
De bomen laten nu hun bladeren vallen. Zoek een aantal mooi gekleurde blaadjes uit en droog die in een droogplankje. Of tussen velletjes w.c. papier met een paar zware boeken er bovenop. Na een paar dagen kun je ze gebruiken voor een plakboek of om een schilderijtje van te maken.

• 12 oktober 2015
We hebben steeds geluk met het weer! Ook vandaag schijnt de zon. Er bloeien nog veel kleurige bloemen en in de moestuin hangen lekkere frambozen aan de struik.
Dion maakt foto’s voor de website van school. Hoog in de lucht zien we een vliegtuig en twee roofvogels: buizerds. Die zitten vaak in de buurt.

Tussendoor voeren Dion en ik hele gesprekken. Dion is een echt natuurkind, maar hij houdt ook van computerspelletjes. Met zijn bijna 12 jaar kan hij als een groene pedagoog wijze uitspraken doen. Wat zeg je hier van:” Een van de belangrijkste processen voor de opvoeding is omgaan met de natuur.” En: ” als je nagaat hoeveel kinderen uit mijn klas het over computerspellen hebben en hoe weinig over de natuur! Ik ben de enigste in mijn klas. De natuur is belangrijker dan dat.”

Drie jongens van groep 3/4 willen boeketjes plukken voor thuis. Enthousiast knippen ze met hun schaartje allerlei bloemen . “Juf, deze is voor jou”, roept een kind spontaan en ook de andere kinderen komen bloemetjes brengen. De rest van de tijd willen ze hun boeketje vasthouden.
We gaan nog even kruiden ruiken bij het kruidenpaadje. Er zijn wel 8 verschillende planten met elk een eigen geur. Als je ze proeft zijn ze niet allemaal lekker. Dat worden ze pas als je er thee van zet of ze in het eten doet.

2 jongetjes vinden het fijn om door de moestuin te rennen en zich te verstoppen. Daarna willen ze ook nog even spitten. De grond is heel hard, maar ze vinden het leuk om samen een paar planten uit te graven.

• Tip:
Het is herfst! Fijn om naar het bos of park te gaan en eikels of kastanjes te rapen. Ook zijn er veel paddenstoelen. Die kun je beter laten staan. Als je een spiegeltje meeneemt, kun je mooi de onderkant bekijken.

• 5 oktober 2015
Vandaag oogsten Dion en Thomas oranje, witte, gele en rode snijbiet. Ze nemen elk een mooie bos mee naar huis en de rest leggen we op een tafel voor de meesters en juffen. Verschillende mensen vragen of dat rabarber is.
Als ik de klas van juf Ingeborg binnenkom, is ze net met een lesje bezig. “Wat betekent jaloers?” vraagt ze. Rachelle: ” dat jij mee naar de tuin mag en de anderen niet”!

In de tuin wil een jongetje graag een boeket bloemen voor zijn moeder plukken. Het wordt een mooie bos waarmee hij trots de klas weer ingaat. We draaien vandaag een boomstammetje om en kijken welke bodemdiertjes er onder zitten: een duizendpoot, pissebedden en vette regenwormen, die meteen de grond in schieten. Benjamin vindt het heel interessant. Hij doet een regenworm in een potje en bestudeert hem. Dan zegt hij: ” Ik wou dat ik zo klein was”. Hoezo? ” Nou, dan had ik een hele grote wereld!”
Ook vandaag kijken we weer naar de kruisspin in zijn web. Met een loep kunnen we hem goed zien. Wat we ook doen om hem van zijn plaats te krijgen, hij heeft ons door. Alleen voor kleine beestjes komt hij in beweging!

• Tip: Rabarber en Snijbiet.
Snijbiet lijkt op Rabarber. Rabarber oogst je tot en met 21 juni. Daarna moet je de plant met rust laten om kracht op te doen voor het volgende jaar. Snijbiet kun je tot in de herfst oogsten. Beide planten bevatten oxaalzuur, net als spinazie. Je krijgt dan soms een rasperig gevoel in je mond. Als je krijt meekookt of eieren erbij eet (en rozijnen bij rabarber) heb je daar geen last van.

• 21 september 2015

Het is te merken dat het herfst wordt: overal in de tuin zijn er spinnenwebben en paddenstoelen. Zodra de zon gaat schijnen vliegen er ook nog libellen, bijen en een paar vlinders rond.
Dion, Thomas en ik wieden de bloembakken bij de ingang. Dan komt een parmantig klein meisje aangelopen. Ze heet Maike en weet veel van plantjes, zegt ze. Ze krijgt meteen een werkje: de uitgebloeide viooltjes weghalen. Dat vindt ze leuk. Een jongetje heeft een time-out en hangt om ons heen. Uit zijn opmerkingen kun je merken dat hij kijk op planten heeft maar ja, het is niet de bedoeling dat hij vandaag mee helpt.
Thomas heeft een klein blauw bloemetje gevonden. Hij koestert het in een bekertje met water om straks mee te nemen.

Vandaag komen er kinderen uit de jongensklas van juf Willy (groep 3-4). We laten de eerste twee jongens een framboos zien, die kennen ze niet. De ene durft niet te proeven, de andere durft het aan en vindt ‘m zowaar lekker. Ze vangen een kikker en een kleine pad met een jonkie, die ze in de klas laten zien en daarna -natuurlijk- weer vrijlaten. Daarna gaan we op het plein onder een boom de bruine paddenstoelen bekijken. Een jongen zegt dat hij die haat, want thuis moet hij champignons eten, en dat zijn ook paddenstoelen.
We kijken naar een kruisspin in zijn web. Dion houdt zijn snoeischaar voor het kopje en laat de kinderen zien hoe de spin zijn kaken er in zet. Hij legt uit dat die denkt dat hij een beestje heeft gevangen.
De laatste twee jongens hebben niet zoveel aandacht voor de tuin. Het liefst rennen ze rond over het plein en dat is ook prima. Ik bedenk wat zij kunnen doen: de zandbak uitharken. Want de takken en blaadjes moeten er uit. Zo kunnen ze hun energie kwijt aan het eind van de schooldag!

Met Dion spreek ik de middag na. Hij denkt dat de jongens nog te jong zijn om interesse hebben in de natuur. Maar die kleine Maike dan, vraag ik, die is nog maar 5. Dion weet een hele goede. Zelf speelt hij een computerspel, Minecraft en die kleine jongens ook. Door Minecraft leer je dat bomen belangrijk zijn voor het leven. Hout heb je nodig, en zuurstof. Daardoor krijgen ze misschien interesse in de echte natuur, denkt hij.

• Tip: Maggikruid (Lavas).
Lavas is een vaste plant met groene bladeren die naar Maggi ruiken. Hij is geneeskrachtig en lekker in de soep of fijngesnipperd over aardappels of omelet. Als je de bladeren wast en daarna in een diepvriesbakje doet, kun je elke keer als je het nodig hebt een beetje uit de vriezer halen.


• 14 september 2015

De eerste keer na de zomervakantie! Er staan veel bloemen te bloeien. Vooral de paarse en rode dahlia’s doen het goed. En langs het kruidenpaadje zijn allerlei geurende kruiden te vinden zoals munt, citroenmelisse en maggiplant.

Vier kinderen van groep 5 zijn vandaag aan de beurt. Dion is mijn vaste tuinmaatje geworden. Hij heeft veel verstand van dieren en planten. Hij vindt het ook leuk om de kleine kinderen te helpen in de tuin.

Het lijkt wel dierendag! Rachelle is helemaal enthousiast over de insecten die ze ziet. Met een vergrootglas bekijken we de beestjes. We vinden een naaktslak op een blaadje en leggen die op een boomstam. Het is eerst een bruin balletje, maar langzaam rekt hij zich uit en zien we ook de ogen op steeltjes tevoorschijn komen.
Sem griezelt ervan. Als er ook nog een wesp om ons heen zoemt, vraagt hij angstig:” kunnen we niet binnen tuinieren?”,Ook Dion is een beetje bang van de wesp die steeds achter hem aankomt. Toch zegt hij geruststellend tegen de andere kinderen: ” als je rustig blijft doen ze niks! “En, zachtjes er achteraan: ” ookal ben ik ook een beetje bang”.

De kinderen plukken een boeket van regenboogsnijbiet met dahlia’s. Deze snijbiet heeft bladeren met felgekleurde gele, rode en witte stelen. We proeven er een stukje van. Rauw smaakt hij niet echt lekker.

Dion krijgt een pijnlijke steek van een brandnetel. Ik weet iets nieuws: als je de brandnetelstengel open maakt en met het sap over het bultje wrijft, is de pijn weg. Hij probeert het en het werkt echt!

Ondertussen vliegen er een paar vlinders en libellen rond. De kleine kikkertjes zijn er haast niet meer, maar wel een paar grotere kikkers, die de kinderen in een potje vangen. Ook vangen ze een kruisspin: een bruine spin met een kruis op zijn rug.

Als het tijd is om naar binnen te gaan, is een jochie niet weg te krijgen: hij wil per se eerst een hommel vangen. Mij lukt het niet, maar zijn klasgenootje probeert het heel lief op verschillende manieren: we krijgen misschien nog een spelletje in de klas. En dan: kom, daar vliegt een hommel naar binnen. Dat werkt!

Een jongen van de bovenbouw helpt me als ik de garagedeur niet omhoog krijg. Hij kijkt eens goed, verschuift de deur een paar millimeter en voilà! , open gaat de deur.
” Knap van je,” zeg ik. ” Dat komt door mijn beperking “, is zijn antwoord. ” Dat is toch een talent, leg eens uit?” vraag ik. Daarop krijg ik een uitleg waar ik werkelijk niets van snap. Hier kom ik bij hem nog eens op terug.

Tip: Snijbiet.
Snijbiet is een gemakkelijk te telen groente. Heel leuk is de regenboogsnijbiet met allerlei felle kleuren. Hij is heel gezond, want hij bevat veel vitaminen. Je kunt de bladeren klaar maken als spinazie. De stelen kunnen gestoofd worden of in kleine stukjes meegebakken worden in een omelet.


• 18 juni 2015

Om de prullenbak ligt iedere dag een hoop afval, die juf Ingeborg trouw opruimt. Slordige kinderen? Nee, brutale kraaien halen ‘m leeg!

Dean, Aiden en Gijs van groep 8 helpen mee in de moestuin. Ze hebben alle drie thuis een tuin waar ook pepers groeien. Ik leer van hen dat de Scoville-schaal de heetheid van pepers meet!
Aiden loopt rond met een lieveheersbeestje op zijn arm met 7 stippen. ” Ik adopteer hem”, zegt Dean. Gijs en hij gaan er ook eentje zoeken. Ze krijgen namen: Schnitzel, Kriebel en Biebel.

De kleuters vangen heel kleine kikkertjes. 1 jochie heeft er wel 6 in zijn handen! Niet alle kinderen durven dat meteen, maar ze krijgen er steeds meer lol in. Een ander jongetje trapt met opzet op een kikkertje. De andere kinderen roepen allemaal dat hij dat niet mag doen! Uiteindelijk worden alle beestjes weer vrij gelaten.

Ook kinderen van groep 3/4 zijn druk bezig met kikkertjes vangen.

Dion helpt vandaag mee. Hij weet veel van planten en dieren en kijkt goed naar alles wat er beweegt en bloeit. Als hij onkruid wiedt, laat hij de kleine bloemetjes staan omdat hij ze zo mooi vindt, vertelt hij. Dion laat mij zien dat een kale groenteplant door een rups opgegeten is. Samen kijken we vol verwondering naar een hommel die in het hart van een knalrode klaproos is neergestreken.

Kay komt op zijn sokken de tuin in. Zo kun je natuurlijk niet meedoen, dus ik stuur hem terug. Als hij zijn schoenen aan heeft, helpen hij en Dion om plantjes in de bak bij de voordeur te planten. Dat doen ze allebei heel rustig en zorgvuldig. Nu maar hopen dat ze gaan bloeien, want nu de viooltjes zijn uitgebloeid, zien de plantenbakken er treurig uit.

Weetje: Legoplant

De moestuin staat vol met Paardenstaart. Het zijn moeilijk uit te roeien groene planten met zwarte wortels die heel diep de grond in gaan. Ze worden ook wel Legoplanten genoemd, want je kunt stukjes van de stengel uit elkaar halen en weer in elkaar zetten. Een jongetje uit groep 3 verzon een nieuwe naam: Duploplant.

• 11 juni 2015

Voor de kleuterklas heb ik hondsdrafplantjes meegenomen tegen de brandnetelprik. De juffen zijn kinderen aan het schminken. Af en toe komt er een poesje of tijger langs rennen. Rick en Lars uit groep 6/7 hebben allebei ervaring met tuinieren. Ze vinden het leuk om de kruidenplanten te bekijken en te ruiken. De muntplant vinden ze het lekkerst! Daarna gaan we onkruid wieden. Lars werkt hard door. Rick praat veel en helpt een klein handje mee. Hij weet van zijn oma hoe lastig het zevenblad is. Wij hebben dat gelukkig niet. Ik vertel hen dat je jonge blaadjes van zevenblad kunt eten, dus ze zijn ergens goed voor!
Lars vindt een plastic bekertje en doet daar een jong venkelplantje in voor thuis.

Daarna komen 2 jongens naar het moestuinveld. We poten dahlia’s. Dat is niet gemakkelijk met die keiharde kleigrond! Sidney bedenkt dat we er water overheen kunnen gieten. Dat helpt goed. De jongens maken flinke plantgaten. Dat kost heel wat kracht, maar ze zetten goed door. De dahlia’s staan er in!

Thomas uit groep 7 komt als laatste meehelpen in het kruidentuintje. Hij wil graag leren over tuinieren en de natuur en kan de namen van de kruiden goed onthouden. Hij snapt goed waarom we sommige planten wegwieden en andere laten staan. Op zijn vraag leg ik Thomas uit hoe het zit met bijen, bloemen en honing. Hij vertelt dat hij in de groep waar hij woont ook graag in de tuin wil werken. Hij heeft autisme, welke soort weet hij niet zo goed. Hij houdt van rust en wil niet te veel prikkels. Van dit samen werken in de tuin geniet hij.

De leerkracht vertelt later dat Sidney anders in de groep terug kwam. Het buiten werken had hem goed gedaan!

Tip: brandnetels

Bij brandnetelprik helpen de blaadjes van weegbree en hondsdraf als je die fijnwrijft en op je huid smeert. Thuis kun je een beetje tandpasta of azijn op een doek doen en die op de bultjes smeren.
Brandnetelsteken zijn lastig maar niet gevaarlijk. De plant wordt als thee gedronken of als groente gegeten. Ze bevat belangrijke en geneeskrachtige voedingsstoffen. Ook zijn brandnetels belangrijk in de natuur: veel vlinders zetten hun eitjes op de bladeren af.

• 4 juni 2015

Vandaag is Kay mijn hulpje.

In de perken rond het plein aan de voorkant bloeien nu vrolijke rode klaprozen. Vlakbij de ingang staat een hoge lathyrus met felroze, geurende bloemen. Er zijn kleine vernielingen te zien: afgebroken planten, losgewrikte stenen.

De kleuters spelen buiten aan de achterkant. Ze rennen door het hoge gras. Met de juffen hebben ze dahlia’s geplant. Dat zijn nu nog lelijke bruine knollen, maar wat zou daar later uit komen?

Sam, Ruben en Gijs uit groep 8 willen wel een rondleiding. Eerst langs het kruidenpaadje, waar ze aan allerlei verschillende planten ruiken en helpen wieden. Bij het moestuinveld leren ze de bessenstruiken, krenteboompjes en groenten kennen.

Hierna komt een groepje kleuters. Een blond jochie rent enthousiast een heuveltje op en grijpt met zijn handjes midden in de brandnetels. Huilend en geschrokken rent hij naar zijn juf. Die heeft een middeltje tegen de prik en een goede oplossing: doorzichtige plastic handschoentjes. Samen gaan we de brandnetel te lijf: ik spit en hij mag de boosdoener op de onkruidhoop gooien. Met Kay en andere kinderen haal ik deze middag zoveel mogelijk brandnetels weg.

“Wie wil er een pissebed?” roept Jeffrey uit groep 8. Hij is fanatiek een gat aan het graven in de harde klei en zoekt meteen pieren voor twee kinderen uit groep 4/5. Die zijn druk bezig om beestjes te vangen in plastic loeppotjes. Ze kunnen het niet laten om de juf te laten griezelen.

Rick roept vanaf de top van de heuvel waar hij een stok in heeft geprikt: “Ik ben op de planeet!”

Een klassenassistente krijgt per ongeluk een schep tegen haar knie. Pijnlijk maar gelukkig niet ernstig. Daar leer ik van: voortaan duidelijke instructies voordat kinderen met scheppen aan de slag gaan!

Tips voor ouders en team:
– Controleer uw kinderen op teken als ze in hoog gras of bosjes hebben gespeeld.
– Smeer ze bij zonnig weer in met zonnebrandcrème. Vergeet nek en schouders niet.
– Blijf tussen 12 en 3 uit de volle zon. Laat kinderen met een lichte huid een petje dragen.

tuinbewoners